Wie zegt dit over wie?
Ze klieken bij elkaar.
Ze passen zich niet aan.
Ze hebben hun eigen scholen.
Ze hebben hun eigen verenigingen.
Ze kopen vooral in winkels van hun landgenoten.
Ze kijken naar de tv uitzendingen van hun eigen land.
uit: rare jongens, die nederlanders (Hans Kaldenbach)

Ik denk niet dat het het antwoord is,
Maar het is wel het antwoord dat je wilt hebben dus ik zeg het maar.
De Marrokanen in dit land.
En nu ben ik benieuwd naar het echte antwoord!
Hoe bedoel je dat, Scaevola? Marrokanen over Nederlanders? Of andersom? Het is niet het goede antwoord
Nee, ik bedoel Nederlanders over Marokkanen.
En wat is het echte antwoord nou ^^